6.4 Specifieke aandachtspunten voor het vaststellen van een splitsingsreglement

In hoofdstuk 2 is de opbouw van een eenvoudige akte van splitsing in appartementsrechten besproken. Uit onderdeel 6.2.3.6 bleek dat elke akte van splitsing een reglement van splitsing moet bevatten (art. 5:111 sub d).

In het daaropvolgende onderdeel 6.2.4 werd aangegeven op welke wijze een splitsingsreglement op een bepaald gebouw kon worden toegespitst.

In hoofdstuk 3 zijn vervolgens de bijzonderheden van een ondersplitsing behandeld, waarbij naar voren kwam dat er weinig verschillen zijn tussen de reglementen van hoofd- en ondersplitsing.

In dit hoofdstuk worden de eigenschappen van bepaalde categorieën van gebouwen besproken, waarmee met het toesnijden van een modelreglement van splitsing op een bepaald gebouw rekening dient te worden gehouden.

De aldaar genoemde categorieën sluiten elkaar niet uit. Zo kan een multifunctioneel gebouw een gemengde bestemming van woningen, kantoorruimten, commerciële ruimten en parkeervoorzieningen bevatten.

6.4.1 Bestaande bouw

6.4.1.1 Gemeenschappelijke installaties

In vrijwel elk gebouw zijn installaties aanwezig die niet bestemd zijn om te worden gebruikt door één eigenaar van of uitsluitend dienstbaar zijn aan één privégedeelte, zoals een CV- of airco-installatie. De vergadering van eigenaars kan in de toekomst besluiten dergelijke installaties te vernieuwen dan wel te vervangen door hetzij een nieuwe installatie hetzij individuele installaties.
Het Modelreglement 2006 regelt de volgende situaties:
– de verwijdering van een gemeenschappelijke installatie (art. 19);
– het al dan niet ter vervanging aanbrengen van een nieuwe gemeenschappelijke installatie (art. 17 lid 4).

De vergadering van eigenaars kan besluiten om een installatie te verwijderen,
Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.