4.9 De vereniging met een raad van toezicht

In het basismodel, zoals dat hiervoor is besproken, berust het toezicht op het bestuur bij de algemene ledenvergadering en bij commissies aan wie enige vorm van toezicht is opgedragen. Daarbij kan in het bijzonder de kascommissie worden genoemd. Er kan behoefte bestaan het toezicht op te dragen aan een apart orgaan. Dat zal het geval zijn indien de vereniging een onderneming drijft of een zekere omvang heeft.

4.9.1 Mogelijkheid instelling toezichthoudend orgaan

De statuten kunnen voorzien in de instelling van een toezichthoudend orgaan. In de praktijk wordt dit orgaan aangeduid als raad van toezicht of als raad van commissarissen.

De wet bevat voor de vereniging geen afzonderlijke regels voor de instelling van dit toezichthoudend orgaan. In art. 2:47 en 48 worden terloops commissarissen en de raad van commissarissen genoemd. In art. 2:57 is voor de coöperatie wel een nadere uitwerking voor de instelling van een raad van commissarissen gegeven. Deze regeling kan ook voor de vereniging worden gevolgd.

4.9.2 Naam van het toezichthoudend orgaan

De wet gebruikt voor de vereniging en de coöperatie de term raad van commissarissen (art. 2:47, 48 en 57, 57a en 58). Dit is ook de wettelijke benaming voor het toezichthoudende orgaan in een NV en een BV. Vooral in de non-profitsector is de benaming raad van toezicht in zwang.

De naam van het orgaan is niet beslissend voor de samenstelling, de taken en bevoegdheden daarvan. Die worden immers in de statuten nader uitgewerkt.
Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.