4.2 Oprichting vereniging

4.2.1 Keuze rechtsvorm vereniging: afbakening met andere rechtsvormen

De vereniging is een samenwerkingsverband van personen met een bepaald doel. Er zijn ook andere rechtsvormen die onder deze omschrijving vallen. Daarom dient bij de opdracht tot oprichting van een vereniging allereerst aan de orde te komen of de vereniging de geschikte rechtsvorm is. Daarover zal in verreweg de meeste gevallen geen twijfel bestaan. Veelal is er een organisatie met een bestuur en een ledenvergadering en is er geen sprake van winst of de verdeling daarvan onder de leden.

Is dat anders dan kunnen zich afbakeningsproblemen voordoen met de coöperatie, de onderlinge waarborgmaatschappij, de stichting, de personen- en kapitaalvennootschap en andersoortige rechtspersonen.

4.2.1.1 Vereniging en coöperatie

De vereniging mag geen coöperatief doel hebben (art. 2:26 lid 1). Indien de vereniging in feite een coöperatief doel heeft als bedoeld in art. 2:53 lid 1 adviseert de behandelaar de oprichting van een coöperatie. Zie onderdeel 4.12. De coöperatie kent geen verbod tot uitkering van de winst onder de leden.

4.2.1.2 Vereniging en onderlinge waarborgmaatschappij

De vereniging mag niet het verzekeringsbedrijf uitoefenen. Indien de vereniging in feite de uitoefening van het verzekeringsbedrijf tot doel heeft als bedoeld in art. 2:53 lid 2 adviseert de behandelaar de oprichting van een onderlinge waarborgmaatschappij. Zie onderdeel 4.13. De onderlinge waarborgmaatschappij kent geen verbod tot uitkering van de winst onder de leden.

4.2.1.3 Vereniging en stichting

Beide rechtsvormen komen naast elkaar op dezelfde gebieden voor.

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.