3.2 Vennootschapsvormen

Er bestaan drie vormen van personenvennootschappen in Nederland. Dit zijn de maatschap, de vennootschap onder firma (hierna: vof) en de commanditaire vennootschap (hierna: cv). Deze op een overeenkomst gebaseerde rechtsvormen bezitten geen rechtspersoonlijkheid en zijn alle gericht op samenwerking tussen twee of meer vennoten. Dit kunnen zowel natuurlijke personen als rechtspersonen zijn, dan wel een combinatie van beide.

De huidige wetgeving over personenvennootschappen dateert van 1838 en is achterhaald en verouderd. Veel zaken worden niet (goed) geregeld. In de laatste veertig jaar zijn daarom twee wetgevingstrajecten gestart om tot herziening van deze archaïsche wetgeving te komen. Een in de jaren zeventig van de vorige eeuw, het voorstel van Van der Grinten, en een tweede, het voorstel van Maeijer, eind jaren negentig van de vorige eeuw. Helaas is de behandeling van beide voorstellen vroegtijdig tot een einde gekomen. Bij de intrekking van het meest recente voorstel wees de Minister van Justitie erop dat kern van de kritiek is dat de voorgestelde regeling te knellend werd geacht voor bestaande maatschappen en vennootschappen onder firma en dat deze regeling tot onnodige kosten zou leiden. Daarnaast werden er vragen gesteld over de helderheid en bruikbaarheid van het wetsvoorstel en over nut en noodzaak. Het voorstel van Maeijer ging uit van optionele rechtspersoonlijkheid waardoor vennoten konden kiezen voor wel of geen rechtspersoonlijkheid. De openbare maatschap en de vof zouden worden samengevoegd tot de openbare vennootschap (OV). Daarnaast zou de niet-openbare maatschap als ‘stille vennootschap’ (SV) blijven bestaan. Ten slotte zou de cv als een bijzondere OV worden aangemerkt.

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.