19.8 Steunmaatregelen

19.8.1 Inleiding

Het bevoordelen van individuele ondernemingen door middel van staatssteun kan de concurrentie vervalsen. Financiële transacties van de centrale overheid of gemeenten kunnen staatssteunelementen bevatten (bijvoorbeeld grondverkoop onder de marktprijs of reddingssteun aan een voetbalclub).
De mededingingsregels waaraan de Nederlandse overheid zich heeft te houden, zijn opgenomen in art. 107 VWEU (inhoud) en art. 108 VWEU (procedure) en in de op art. 109 VWEU gebaseerde verordeningen.

19.8.2 art. 107 VWEU

Art. 107 VWEU luidt: ‘Behoudens de afwijkingen waarin dit Verdrag voorziet, zijn steunmaatregelen van de Staten of in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die de mededinging door begunstiging van bepaalde ondernemingen of bepaalde produkties vervalsen of dreigen te vervalsen, onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt, voor zover deze steun het handelsverkeer tussen de Lid-Staten ongunstig beïnvloedt.’

Deze bepaling bevat een aantal criteria voor de beantwoording van de vraag wanneer sprake is van verboden staatssteun (zie nader Mededeling van de Commissie, PbEU 2016, C 262/1):
a) Steunmaatregelen zijn niet alleen subsidies. Het betreft alle maatregelen die, in verschillende vormen, de lasten verlichten die normaliter op het budget van een onderneming drukken en daardoor — zonder subsidies in de strikte zin van het woord te zijn — van gelijke aard zijn en tot identieke gevolgen leiden.
Voorbeelden zijn:
– premies, vergoedingen, kostendelingen;
– kredietfaciliteiten en garanties voor opgenomen leningen;
– overheidsdeelname in het kapitaal van een onderneming tegen gunstige voorwaarden;
– participatieleningen aan ondernemingen tegen gunstige voorwaarden;

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.