15.4 Externe aansprakelijkheid (vrijwillig)

15.4.1 Aansprakelijkheid moedermaatschappij (art. 2:403)

15.4.1.1 Inleiding

Een belangrijke grond voor vrijwillige aansprakelijkheid in groepsverband is de zogenoemde 403-verklaring: de moedermaatschappij stelt zich hoofdelijk aansprakelijk voor de uit rechtshandelingen voortvloeiende schulden van een tot een groep behorende afhankelijke maatschappij (hierna: afhankelijke groepsmaatschappij). Zie voor de begrippen groep en groepsmaatschappij: art. 2:24b. Zie over art. 2:403 ook onderdeel 16.3.7.
De aansprakelijkheidsstelling door de moedermaatschappij ex art. 2:403 vormt één van de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een groepsvrijstelling: de afhankelijke groepsmaatschappij wordt vrijgesteld van de plicht om haar jaarrekening, bestuursverslag en overige gegevens overeenkomstig de wettelijke voorschriften van titel 9 van Boek 2 BW in te richten, aan accountantscontrole te onderwerpen en openbaar te maken. Zij kan volstaan met een summiere jaarrekening waarover bovendien geen accountantsverklaring hoeft te worden afgelegd (art. 2:403 lid 3 jo. art. 2:393). Voorts hoeft het bestuursverslag niet aan de algemene vergadering van aandeelhouders te worden overgelegd.
Hierna zal worden ingegaan op:
– het verkrijgen van de groepsvrijstelling en in het bijzonder de 403-aansprakelijkstellingsverklaring (zie onderdeel 15.4.1.2. e.v.);
– de intrekking en beëindiging van de 403-aansprakelijkheid (zie onderdeel 15.4.1.3. e.v.).

15.4.1.2 Verkrijgen groepsvrijstelling (art. 2:403)

15.4.1.2.1 Voorwaarden verkrijgen groepsvrijstelling

De behandelaar kan door het bestuur van de moedermaatschappij worden verzocht om een groepsvrijstelling voor een groepsmaatschappij te doen verkrijgen. Om in aanmerking te komen voor het in onderdeel 15.4.1.1 omschreven groepsregime dient aan alle voorwaarden neergelegd in art.

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.