7.11 Diversen

7.11.1 Voortgezet gebruik echtelijke koopwoning

Als er sprake is van een echtelijke woning die gezamenlijk eigendom is van partijen, zijn beide eigenaren voor de onverdeelde helft gerechtigd tot de woning. Hierdoor hebben zij als eigenaar in beginsel gelijke rechten om aanspraak te maken op de echtelijke woning. Wie van de ex-partners na een echtscheiding de echtelijke woning blijft bewonen is afhankelijk van de:
– financiën na echtscheiding;
– juridische situatie van de eigendomsverkrijging en tenaamstelling; en
– fiscale aspecten.

In de meeste gevallen betaalde een van de partners de hypothecaire geldlening tijdens het huwelijk. Of deze partner de echtelijke woning kan blijven bewonen, hangt af van de financiële draagkracht van deze partner na de echtscheiding. Naast financiële mogelijkheden is voor het voortgezet gebruik de tenaamstelling van de echtelijke woning van belang. Een behandelaar moet eerst een aantal vragen van juridische aard stellen, voordat hij iets over het voortgezet gebruik kan zeggen:
– op wiens naam staat de echtelijke woning?
– is er sprake van een gemeenschap van goederen of zijn er huwelijksvoorwaarden?
– wat is de titel van eigendomsverkrijging van de echtelijke woning?

Met betrekking tot de tenaamstelling zijn er een aantal mogelijkheden:
– op naam van de man én vrouw, ieder voor de onverdeelde helft;
– alleen op naam van de man;
– alleen op naam van de vrouw; of
– op naam van het bedrijf van een of beide echtelieden.

Ook de fiscus heeft met diverse fiscale gevolgen de mogelijkheden tot voortgezet gebruik van de echtelijke woning financieel ingeperkt.
Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.