9.3 Samenvattingen notarië‘le tuchtrechtspraak

9.3.1 INLEIDING

Dit onderdeel, dat bedoeld is als naslagwerk, geeft een overzicht van de tuchtrechtspraak van het notariaat. Gekozen is voor een chronologische opzet. De gebruikte trefwoorden zijn opgenomen in het Jurisprudentieregister op trefwoord.

In dit onderdeel zijn vele uitspraken verwerkt van het Gerechtshof te Amsterdam, sinds 1 november 1984 de coördinerende instantie op dit gebied. Die uitspraken bevatten regelmatig principiële aspecten, die voortvloeien uit de coördinerende rol van het hof. Weliswaar is slechts de kern van die uitspraken weergegeven, maar op een zodanige wijze dat de beslissing begrijpelijk is. Sporadisch zijn uitspraken van een Kamer van Toezicht en van het College van Beroep opgenomen, omdat die slechts fragmentarisch ter beschikking waren en slechts incidenteel een wijdere strekking hebben.

Uitspraken van het Hof Amsterdam die hun belang verloren hebben, als gevolg van het in werking treden van de Wet op het Notarisambt 1999, zijn niet meer opgenomen.

9.3.2 OVERZICHT TUCHTRECHTSPRAAK

Jaar 1986

9.3.2.1 Boedelnotaris opdracht

Hof Amsterdam 27 februari 1986, nr. 3/85, WPNR 5928 (1989), 5929 (1989), 6222 (1996).

Als 5 van de 6 erven de notaris als boedelnotaris aanwijzen, ligt het op zijn weg om hen te adviseren door de rechtbank een boedelnotaris aan te laten wijzen. Maar indien hij dit niet doet is dat geen verwaarlozen van ambtsplicht of een schuldig nalaten van de notaris.

9.3.2.2 EVRM openbare behandeling, tuchtmaatregel

HR 18 april 1986, nr. 6988,

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.