10.11 Spanje – voor 17 augustus 2015

De wijze waarop een internationale nalatenschap vererft en dient te worden afgewikkeld is niet alleen afhankelijk van het Nederlandse internationaal privaatrecht. Telkens zal ook moeten worden bezien welk recht dient te worden toegepast volgens het internationaal privaatrecht van het land waar zich nalatenschapsvermogen bevindt.

In dit onderdeel staat Spanje centraal. De Spaanse alsmede de hiervoor besproken Nederlandse regels van internationaal erfrecht worden uiteengezet aan de hand van enkele veel voorkomende praktijksituaties: de Nederlander met onroerend (vakantiehuis) en roerend (bankrekening) vermogen in Spanje en de Spanjaard met dergelijk vermogen in Nederland. Zowel de situatie zonder als met testament komt aan bod, waarbij voor de laatste situatie onderscheid wordt gemaakt tussen het geval waarin een (geldige) rechtskeuze is uitgebracht en het geval waarin deze ontbreekt.

10.11.1 Nederlander met vermogen in Spanje en gewone verblijfplaats in Nederland

10.11.1.1 Spaans internationaal privaatrecht

Het Spaanse internationaal erfrecht hanteert het eenheidsstelsel. Dit betekent dat in de Spaanse regels van internationaal erfrecht geen onderscheid wordt gemaakt tussen het toepasselijke recht op onroerende en dat op roerende zaken.
Het als toepasselijk aangewezen recht beheerst zowel de vererving als de afwikkeling van de nalatenschap. Ook op dat punt behoeft derhalve geen onderscheid te worden gemaakt.
In tegenstelling tot de regels van internationaal privaatrecht zijn de regels van materieel recht niet in heel Spanje gelijkluidend. Naast een nationale regeling in de Código Civil bestaan er op diverse deelgebieden van het recht, waaronder het erfrecht, per regio afwijkende bepalingen.

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.