11.10 De schenkbelasting


11.10.1 Tienjaarstermijn

Onnodig in herinnering te brengen dat het om fiscale redenen van belang is te weten of de overledene Nederland al tien jaar metterwoon heeft verlaten. Zo dit niet het geval is, dan blijft hij vanuit fiscaal oogpunt inzake schenkings- en successierechten, beschouwd als een ‘fictieve rijksinwoner’ (art. 3 SW). Dit is de reden waarom Nederlanders de eerste tien jaar in België niet kunnen genieten van het gunstige Belgische schenkingen-klimaat. Zij blijven immers gedurende de tienjaarstermijn Nederlandse schenkbelasting verschuldigd als fictieve Nederlandse schenker.

In geval van overlijden binnen deze tien jaar, zal een aangifte van nalatenschap moeten worden ingediend, zowel in Nederland als in België. In beide landen zijn dan ook successierechten verschuldigd. Dankzij het Nederlandse Besluit 2001 ter voorkoming van dubbele belasting zullen de Belgische successierechten op de Nederlandse in mindering kunnen worden gebracht. Toch kan hier een pijnlijke situatie ontstaan doordat de verrekening niet gebeurt op de successierechten in globo, doch berekend wordt op het erfdeel per erfgenaam. Verschillende waarderingsregels van vruchtgebruik in Nederland en in België leiden aldus tot de consequentie dat een stuk van de door de kinderen betaalde successierechten in België niet in Nederland op de door de weduwe verschuldigde successierechten kunnen worden verrekend.

Stel dat de weduwe in België een vruchtgebruik geniet dat op 40% van de waarde volle eigendom wordt gewaardeerd, en in Nederland op 60%. In België krijgen de kinderen dan blote eigendom gewaardeerd op 60% en in Nederland op 40%. De weduwe moet in Nederland meer successierechten betalen dan in België.

Om toegang te krijgen tot deze pagina, moet u een abonnement nemen.